Deelnemers van Griekse en Latijnse taal en cultuur
Het programma
De doelstelling van het programma Griekse en Latijnse Taal en Cultuur was om door de ogen van een uitgever te kijken. We begonnen simpel met de geschiedenis van geschreven teksten en later ook gedrukte teksten, zodat we de verschillen in stukken tekst konden onderscheiden. Daarna moesten we Nederlandse teksten vergelijken om te zien welke tekst eerder was geschreven dan de ander. Uiteindelijk gingen we op dezelfde manier met Latijnse teksten aan de slag. Met alle kennis die we hadden opgedaan tijdens de voorafgaande lessen, was het mogelijk om te zien welke teksten connecties hadden en welke teksten ouder en overgeschreven waren. Mijn eigen motivatie om met het LAPP-Top programma mee te doen was om iets anders te leren van de Griekse en Latijnse taal en cultuur dan ik gewend was. Ik vertaal meestal tijdens mijn lessen, maar teksten onderzoeken heb ik nog niet gedaan. Het was voor mij dus erg fijn om een andere kant van Grieks en Latijn te ontdekken. Raisa
De overlevering van klassieke teksten
Vandaag begon het Lapp-Top project Griekse en Latijnse taal en cultuur. Doordat niet iedereen op tijd was, maakten we meteen kennis met het Leidse kwartiertje. Een goed begin dus van het college. We zijn immers in Leiden. Eerst snel even een rondje voorstellen, want niemand kende elkaar nog. Gelukkig was in de pauze het contact al snel gelegd en werd er druk gesproken over allerlei zaken. Tijdens het college hebben we alles kort en bondig besproken. Alle informatie die we in de rest van de weken zouden krijgen, kwam in een sneltreinvaart voorbij. Iedereen had zijn oren gespitst, want het was hartstikke interessant. We hoorden alles over hoe een boek overleeft in de geschiedenis, wat belangrijke tijden waren en hoe het boek zich ontwikkeld heeft. Later zijn we op al deze dingen nog een keer teruggekomen en dieper ingegaan op de stof. Deze eerste les gaf een goed beeld hoe het zou zijn: interessant en gezellig. Marieke
Papyrologie (1) en Griekse paleografie
Deze keer kwamen we niet bij elkaar aan de P.N. van Eyckhof, maar in de universiteitsbibliotheek. Daar had dr. Hoogendijk een presentatie voorbereid over de papyri waar oude (Griekse) handschriften op stonden. Zij gaf ons een inleiding over de vervaardiging en het gebruik van Papyri in het algemeen. Ook vertelde zij over de verschillende schrijfwijzen en hoe je deze kan herkennen. Op de tafels voor ons lagen een heel aantal praktijkvoorbeelden die we mochten bekijken. Er waren veel papyri, maar ook een aantal beschreven potscherven, zogenaamde ostraca. Verder was er een wassen schoolleitje met een oefening Grieks van een jongetje erop. Mevrouw Hoogendijk liet ook een heel aantal voorbeelden zien van Grieks uit het dagelijks leven van vroeger. Zo waren er scherven met een bevestiging van het betalen van dijkbelasting en stukjes papyrus met boodschappenlijstjes of persoonlijke brieven. Al met al kregen we op deze bijeenkomst een heel leuk beeld van het gebruik van Grieks en papyrus van een heel aantal eeuwen geleden. Anneke
Latijnse paleografie In het derde college gingen we verschillende handschriften analyseren. Manuscripten hebben namelijk verschillende handschriften (een soort lettertypen), die verschillen per periode waar het handschrift in geschreven is. Zo heb je het gotische handschrift en het karolingische handschrift. Als je kennis hebt van deze dingen, krijg je ook een beeld van wanneer het stuk geschreven is. Dit is weer handig als je bezig gaat met het maken van stambomen voor manuscripten, wat weer handig is bij de foutenanalyse. Ook hebben we gekeken naar de ontwikkeling die sommige letters of lettergroepen door hebben gemaakt. Het & teken stamt zo bijvoorbeeld af van het woord et (Latijn voor "en"). Ook afkortingen van lettergroepen hebben we kort behandeld. Fenno
Tekstkritiek
De tekstkritiek is de wetenschap die zich bezighoudt met het achterhalen van antieke teksten door middel van het vergelijken van overgeschreven bronnen. Het doel is de archetype te reconstrueren, die het dichtst staat bij de oorspronkelijke tekst. Als een antieke tekst wordt overgeschreven worden daar fouten in gemaakt. Bij het vergelijken wordt een bron volledig getranscribeerd. Alle afwijkingen in de andere bronnen worden daaronder gezet. Door verschillende overgeschreven bronnen met elkaar te vergelijken kunnen fouten worden ontdekt die in meerdere bronnen staan. Die behoren dan tot dezelfde familie, omdat twee schrijvers nooit dezelfde fout maken. Als is vastgesteld welke teksten tot welke familie behoren moet de relatie tussen de teksten beschreven worden. Dat wordt neergezet in een stemma. Een stemma is een stamboom van handschriften. De jongere tekst heeft meestal alle fouten van de oudere tekst, plus eigen fouten. De jongere tekst wordt geëlimineerd, omdat die direct afhankelijk is van de oudere tekst. Gaten door beschadigingen in de ene tekst kunnen worden aangevuld door de andere teksten. Als die daar ook beschadigd zijn kun je de tekst proberen te herstellen door emendatie (verbetering) en conjectuur (raden). Bij het maken van een kritische uitgave hoort ook een kritisch apparaat. Daarin staan alle afwijkingen van andere teksten en ook waarom de transcribeerder voor deze oplossing heeft gekozen. Jaco
Oefening: Een proefeditie van Cicero Waar kun je aan denken als je denkt aan het opschrijven van een boek? Je zou kunnen denken aan zere handen en ongeconcentreerdheid tijdens het schrijven. Wij dachten hier ook aan, sterker nog: wij wisten het zeker na deze les. We kregen een aantal versies van een geschrift van Cicero onder handen die wij moesten ontcijferen. Zoeken: wat staat hier of wat staat daar? Daarna, tijdens het vergelijken, moesten we tot de conclusie komen dat geen handgeschreven tekst op een andere lijkt. Het is redelijk frappant om dat zo onder ogen te hebben. Maar niet alleen schrijffouten hebben wij gezien, ook eigen invullingen en/of verbeteringen van schrijvers. Maar waarom hebben wij dit onderzocht? Het is natuurlijk heel leuk om vast gesteld te hebben hoe je via de verschillende fouten tot een mogelijke juiste tekst kunt komen. Die wilden wij vaststellen, en daar hebben wij ons een aantal uren mee bezig gehouden. Dirk Jan
De manuscriptcollectie van de Universiteitsbibliotheek Het college van 23 maart vond plaats in de Universiteitsbibliotheek. Na het beklimmen van een aantal trappen kwamen we in een kamer waar dr. André Bouwman op ons wachtte. Op tafel lagen dozen, die een voor een werden opengemaakt. Er zaten boeken in, middeleeuwse manuscripten en gedrukte boeken uit de beginperiode van de boekdrukkunst. Er werd verteld over hoe mensen vroeger hulplijnen in het perkament krasten, hoe de vellen perkament aan elkaar werden gemaakt en hoe deze met leren bandjes aan de kaft werden gemaakt. De meeste boeken hadden niet meer hun oorspronkelijke kaft, omdat die bij slijtage of overname door een andere bibliotheek werd vervangen. Ook kregen we mooie initialen en schutbladen met allerlei andere teksten te zien. Het is een bijzonder idee om tegenover een boek te zitten, zoals daar een millennium geleden een monnik heeft gezeten met zijn veer en inkt. Maaike
Papyrologie (2): Zelf aan de slag! Alweer het laatste officiële college van het LAPP-Top klassieke talen. Vorige week zijn we als ‘afsluiter’ naar een restaurant geweest, en volgende week staat nog een bezoek aan het Rijksmuseum van Oudheden met dr. Van Straten op het programma. Bij dit college begonnen we met een kleine introductie waarbij we enkele stukjes papyrus te zien kregen die eerder nog in het museum lagen voor een tentoonstelling. Veel valt er op het eerste oog niet uit te halen: al die kleine vreemde krabbels op die verkleurde en versleten papyrus. Toen brak het moment aan dat we zelf aan de slag moesten. We werden in twee groepen verdeeld en elke groep kreeg een eigen stuk tekst. Het ene was een stuk proza uit Phaedo van Plato, en het andere was een deel uit de Ilias van Homerus. Er kwamen zowaar nog enige stukken met redelijke zinnen uit, hoewel het erg lastig te ontcijferen was. Hiermee eindigde ons laatste college, zo hebben we in die zeven weken allemaal behoorlijk wat opgestoken. Luka