Taalwetenschap 2016

Zoals je weet verandert taal in de loop van de tijd. Omdat deze veranderingen aan bepaalde wetmatigheden gehoorzamen, bewaren veel van de woorden en zinnen die jij elke dag spreekt de sporen van een ver verleden.

Taal, de levende tijdmachine

Het grootste deel van de huidige talen van Europa (zoals de Germaanse, de Romaanse, de Slavische) tot aan India (Armeens, Perzich, Hindi) behoort tot één taalfamilie, de Indo-Europese. Het staat vast dat deze taalfamilie is ontstaan uit één gemeenschappelijke moedertaal, het Proto-Indo-Europees. Deze taal werd ca. 3500 voor Chr. gesproken in Zuid-Rusland.

Door de Indo-Europese talen onderling te vergelijken, kunnen we van elke taal bepalen welke elementen nieuw zijn en welke oud. De oude elementen gebruiken we om te reconstrueren welke woordenschat en de grammatica het Proto-Indo-Europees bezat, en hoe de taal geklonken moet hebben.

Tijdens de colleges gaan we in op diverse aspecten van taal en taalverandering. We beginnen bij het begin: de eerste schriftsoorten en de ontcijfering daarvan. Tijdens de excursie naar het Rijksmuseum van Oudheden krijgen we een gespecialiseerde rondleiding op de Egyptische, Perzische en Griekse zalen waar we hiëroglyfen, spijkerschrift en de eerste alfabetschriften met elkaar kunnen vergelijken. Met deze informatie kunnen we in de volgende colleges aan de slag met de ontdekking van het Indo-Europees en het vak van de vergelijkend historische taalwetenschap. We gaan uitgebreid in op letters en klanken in de talen van de wereld en hoe deze door de eeuwen heen veranderen. We volgen het Nederland en andere Indo-Europese talen van hun oorsprong tot de diverse moderne varianten en sluiten de collegereeks af met de nieuwste onderzoeksmethoden op het gebied van taalcontact. Ter afsluiting van de LAPP-topreeks gaan we met alle docenten en deelnemers uit eten.


Globale indeling van de colleges

De colleges zullen plaatsvinden op 27 januari; 3, 10, 17 februari; 2, 9, 16, 23 maart van 15.00-17.00 uur.

SLU's, motivatiebrief, toelating

Studielasturen (slu’s)
Wanneer je deelneemt aan het programma in Leiden bedraagt de eventueel door de school te erkennen studielast 25 uur. Deze uren worden besteed aan de colleges en aan het maken van opgaven. Het maken van deze opgaven, ter voorbereiding op de colleges, kost ongeveer anderhalf uur per keer. Voor vergelijkbare opgaven kun je kijken op de site van de Taalkunde Olympiade: www.olympiade.leidenuniv.nl  Je hebt ook de mogelijkheid jouw profielwerkstuk bij het LAPP-Top te laten aansluiten; dan komen er 80 uur  voor het profielwerkstuk bij en bedraagt het totale aantal slu's 105. Dan helpt een van de docenten van de opleiding Vergelijkende Indo-Europese Taalwetenschap met het afbakenen van het onderwerp en met het opstellen van een leeslijst.

Motivatiebrief
Schrijf een brief van ca. 300 woorden waarin je iets over jezelf vertelt en waarin je uitlegt waarom je je in de Vergelijkende Indo-Europese Taalwetenschap zou willen verdiepen.

Toelating
Bij gelijke geschiktheid van de aangemelde leerlingen zal een loting plaatsvinden om te bepalen welke leerlingen deel mogen nemen aan het programma.


Aanmelden

De deadline voor het aanmelden voor LAPP-Top 2016 is inmiddels verstreken.

Contactpersoon

mw. M. Meelen MPhil

Laatst Gewijzigd: 08-12-2015