Vergelijkende Indo-Europese Taalwetenschap 2012

Zoals je weet verandert taal in de loop van de tijd. Omdat deze veranderingen aan bepaalde wetmatigheden gehoorzamen, bewaren veel van de woorden en zinnen die jij elke dag spreekt de sporen van een ver verleden.

Taal - de levende tijdmachine

Het grootste deel van de huidige talen van Europa (zoals de Germaanse, de Romaanse, de Slavische) tot aan India (Armeens, Perzisch, Hindi) behoort tot één taalfamilie, de Indo-Europese. Het staat vast dat deze taalfamilie is ontstaan uit één gemeenschappelijke moedertaal, het Proto-Indo-Europees. Deze taal werd ca. 3500 v.Chr. gesproken in Zuid-Rusland.  

Door de Indo-Europese talen onderling te vergelijken, kunnen we van elke taal bepalen welke elementen nieuw zijn, en welke oud. De oude elementen gebruiken we om te reconstrueren welke woordenschat en de grammatica het Proto-Indo-Europees bezat, en hoe de taal geklonken moet hebben.  

Voor mensen die graag ingewikkelde puzzels oplossen, en voor leerlingen met een voorliefde voor talen, is de Vergelijkende Indo-Europese Taalwetenschap een voortdurende uitdaging. Het is echter niet nodig om veel talen in je pakket te hebben: wat telt zijn met name gezond verstand en logisch redeneren. We nodigen ook uitblinkers in de exacte vakken uit om aan ons programma deel te nemen.


Indeling van de colleges

College I (woensdag 25 januari 2012, 15.00-17.00 uur)
Het schrift en de ontcijfering
De belangrijkste uitvinding in de geschiedenis van de mensheid is het schrift. Zonder het schrift zouden we nooit weten hoe uitgestorven talen eruit hebben gezien. In dit college behandelen we het ontstaan van het schrift, verschillende soorten schriftsystemen, en de redenen waarom ze zijn ontstaan. Tenslotte zullen we kijken hoe onbekende schriften ontcijferd kunnen worden (Oud-Perzisch spijkerschrift, Egyptische hiëroglyfen).

College II (woensdag 1 februari 2012, 15.00-17.00 uur)
Excursie naar het Rijksmuseum van Oudheden
In het Rijksmuseum van Oudheden zullen we een rondleiding volgen waarin we het gebruik van verschillende schriften (hiëroglyfen, spijkerschrift, alfabet-schriften) in levende lijve zullen bewonderen.

College III (woensdag 15 februari 2012, 15.00-17.00 uur)
De ontdekking van het Indo-Europees; het Sanskriet
Na de eerste onbeholpen pogingen in de zeventiende eeuw is men pas in de achttiende eeuw tot het inzicht gekomen dat talen verwant kunnen zijn en wat dat betekent. We bekijken uit welke talen de Indo-Europese taalfamilie bestaat.                              

College IV (woensdag 29 februari 2012, 15.00-17.00 uur)
Letter en klank
Hoe produceert de mens zijn klanken en hoe noteren we die? We maken kennis met het uitgebreide arsenaal aan klanken die in de talen van de wereld voorkomen.                        

College V (woensdag 7 maart 2012, 15.00-17.00 uur)
Taalverandering en taalverwantschap
We kijken hoe taal verandert en hoe we kunnen vaststellen dat talen verwant zijn. We leren dat er wetmatige veranderingen bestaan (klankwetten), die geen uitzonderingen kennen.       

College VI (woensdag 14 maart 2012, 15.00-17.00 uur)
Nederlands als een Germaanse taal
Wat kunnen we leren over de ontwikkeling van het Nederlands vanaf de vroege Middeleeuwen? We vergelijken oudere Germaanse talen, zoals het Gotisch en het Oudhoogduits, en natuurlijk het Middelnederlands.                              

College VII (woensdag 21 maart 2012, 15.00-17.00 uur)
Nederlands als een Indo-Europese taal
Hoe zie je dat het Nederlands een Indo-Europese taal is en dus verwant met talen zoals het Grieks, het Latijn, het Russisch en het Sanskriet? Welke elementen uit het Indo-Europees heeft het Nederlands bewaard, en welke niet?                             

College VIII (woensdag 28 maart 2012, 15.00-17.00 uur)
Talen in contact
Talen veranderen niet alleen door interne oorzaken, maar ook door ontlening van klanken (rose, zone) en woorden (checken, shit). We behandelen een aantal praktijkvoorbeelden uit Indo-Europese talen. Als afsluiting van de collega-reeks nodigen we de deelnemers uit om gezamenlijk uit eten gaan.  

 
 

SLU's, motivatiebrief, toelating

Studielasturen (slu’s)
Wanneer je deelneemt aan het programma in Leiden bedraagt de eventueel door de school te erkennen studielast 25 uur. Deze uren worden besteed aan de colleges en aan het maken van opgaven. Het maken van deze opgaven, ter voorbereiding op de colleges, kost ongeveer anderhalf uur per keer. Voor vergelijkbare opgaven kun je kijken op de site van de Taalkunde Olympiade: www.olympiade.leidenuniv.nl  Je hebt ook de mogelijkheid jouw profielwerkstuk bij het LAPP-Top te laten aansluiten; dan komen er 80 uur  voor het profielwerkstuk bij en bedraagt het totale aantal slu's 105. Dan helpt een van de docenten van de opleiding Vergelijkende Indo-Europese Taalwetenschap met het afbakenen van het onderwerp en met het opstellen van een leeslijst.

Motivatiebrief
Schrijf een brief van ca. 300 woorden waarin je iets over jezelf vertelt en waarin je uitlegt waarom je je in de Vergelijkende Indo-Europese Taalwetenschap zou willen verdiepen.

Toelating
Bij gelijke geschiktheid van de aangemelde leerlingen zal een loting plaatsvinden om te bepalen welke leerlingen deel mogen nemen aan het programma.


 
Laatst Gewijzigd: 21-12-2011